Wonden bij hond en kat van groot tot klein kunnen behandeld worden door lokale wondbehandeling of door reconstructieve chirurgie. Bij Specialist Bouvien is veel ervaring met wondbehandeling over de afgelopen 25 jaar als dierenarts-specialist. Een beeldenbank is opgenomen met casussen, die behandeld zijn in onze kliniek. De foto's zijn met toestemming van de eigenaren geplaatst.
Materialen voor wondbehandeling
Om wondbehandeling succesvol aan te pakken zijn verschillende materialen nodig:
- primaire laag: belangrijk voor de eerste laag is dat dit niet vastplakt aan de wond of het weefsel. Een niet-verklevend verband is hierbij van belang. Voor een droge wond bestaat dit uit bv Solvaline (Lohmann & Rauscher) of Melolin (Smith&Nephew). De eerste is dikker met aan twee zijdes een ademende plastic laag, dat niet verkleeft. Hierdoor is deze laag wel stugger dan de Melolin, die juist zeer flexibel is en maar aan 1 zijde een niet verklevend laagje heeft. Hierdoor kan bij kleine lichaamsdelen dit een voordeel hebben.
- secundaire laag: deze laag is de polsterlaag, deze kan absorberend of niet-absorberend zijn. Bij absorberend kan gedacht worden aan Vliwazell (Lohmann & Rauscher) of Cutisorb (Beiersdorf). De polstering dient om de primaire laag te fixeren zonder de wond te strak te verbinden met de fixatielaag. Het werkt als een buffer, maar kan daarbij ook gebruikt worden om het lichaamsdeel meer rigide te maken, waardoor beweging beperkt wordt.
- tertiaire laag: deze laag legt de secundaire laag vast, en voorkomt het verschuiven van de primaire laag. Daarnaast wordt het verband ook beschermd van buitenaf, met ademend materiaal dat matig waterbestendig is.
Primaire laag
Een overzicht van geschikte middelen voor open wonden:
De secundaire laag bestaat uit polstering, die in volgende volgorde gebruikt wordt:
* Absorberend: non-adhesive of absorberend
* Niet-absorberend inclusief donut om drukplekken te voorkomen
De tertiaire laag bestaat uit fixatiebandage, dat rekbaar is in de lengte zonder snijdende randen te verkrijgen.
Beeldenbank van fases van wondgenezing
Dichte wond Plan van aanpak: - non-adhesive verband: door non-adhesive verband op de wonde te leggen kan er geen trauma door automutilatie (zoals likken) of irritatie door huid op huid meer ontstaan. Polstering en fixatiebandage om geheel te fixeren. Dit verband mag maximaal 3 tot 4 dagen zitten. |
|
![]() |
Demarcatie Plan van aanpak: 1. met scalpel verwijderen van de dode huid. Hiervoor hoeft het dier niet te slapen. In dode huid zit geen gevoel meer. 2. demarcatie promoten door een van onderstaande verbanden: * wet-to-dry: natte gaascompressen op de wonde met eventueel een urinecatheter erin om iedere 2 uur wat water toe te voegen, afgedekt met wondfilm (Suprasorb F) en absorberend verband (Vliwazell). Polstering en fixatiebandage om geheel te fixeren. Dit verband mag maximaal 24 uur zitten. * verbandvloeistof: op non-woven gaascompressen verbandvloeistof aanbrengen op de wonde, daarna non-adhesive zoals Solvaline en gevolgd door absorberend verband zoals Vliwazell. Polstering en fixatiebandage om geheel te fixeren. Dit verband mag maximaal 24 uur zitten. |
![]() |
Ontsteking Plan van aanpak: 1. met scalpel verwijderen van vreemde voorwerpen zoals drains en hechtmateriaal. 2. ontsteking promoten door vocht af te voeren en macrofagen en lymfocyten aan te trekken naast aanwezige leucocyten door een van onderstaande verbanden: * verbandvloeistof: op non-woven gaascompressen verbandvloeistof aanbrengen op de wonde, daarna non-adhesive (Solvaline) en gevolgd door absorberend verband (Vliwazell). Polstering en fixatiebandage om geheel te fixeren. Dit verband mag maximaal 24 uur zitten. * alginaat: alginaat (Suprasorb A) nat maken en op wondes leggen, daarna non-adhesive (Solvaline) en absorberend verband (Vliwazell). Polstering en fixatiebandage om geheel te fixeren. Dit verband mag maximaal 48 uur zitten. |
![]() |
Granulatieweefsel Plan van aanpak: - schoonmaken van omliggende huid - een van onderstaande verbanden kan gekozen worden om granulatieweefsel te voeden en te beschermen: * verbandvloeistof: op non-adhesive (Solvaline) verbandvloeistof aanbrengen dat gehele wond bedekt, eventueel gevolgd door absorberend verband (Vliwazell) als er bescherming nodig is. Polstering en fixatiebandage om geheel te fixeren. Dit verband mag gedurende 2 tot 3 dagen blijven zitten. * hydrocolloid: de kaasplak (standaarddikte of dun) moet op maat geknipt worden om te voorkomen dat omringende huid te zacht wordt. Hieroverheen wordt non-adhesive aangebracht als bescherming. Polstering en fixatiebandage om geheel te fixeren. Dit verband mag gedurende 3 tot 4 dagen blijven zitten. * siliconen: dit materiaal is erg plooibaar en kan zich over de wond draperen. Dit kan ook over de huidranden van de wond gelegd worden. |